Wat een onschuldige verjaardagsreis moest worden, is voor twee vrouwen uit Alabama en hun twaalfjarige dochters veranderd in een regelrechte nachtmerrie. Op een trein in Brussel werden ze geconfronteerd met een man die hen met een mes van zo’n 45 centimeter naar het leven stond. Dat de man hen vroeg naar hun mening over de Amerikaanse immigratiepolitie ICE, doet vermoeden dat er een politiek motief achter de aanval zit. De Amerikaanse nieuwszender WSFA 12 wijdde er een reportage aan, maar in de Belgische media blijft het voorlopig stil.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Een van de slachtoffers, Amanda Hardy, filmde de confrontatie. Op de beelden is te zien hoe de groep in paniek door de trein rent, op zoek naar een uitgang. Volgens Hardy vroeg de man eerst of ze Amerikaans waren. Daarna stelde hij een andere vraag: “Do you like ICE (de Amerikaanse immigratiepolitie, red.)?” Toen de vrouwen niet reageerden, haalde hij een groot mes tevoorschijn, gewikkeld in een blauwe sjaal. De man zou ook gedreigd hebben met de woorden: “I can shoot too.”
Drie minuten op de vlucht
De groep bracht ongeveer drie minuten door in doodsangst, op zoek naar een uitgang. Eenmaal op het perron konden ze naar eigen zeggen nauwelijks geloven wat er was gebeurd. Hardy wist niet of de man hen had achtervolgd of was verdwenen in de menigte, zo getuigde ze in de reportage van WSFA 12. Op een gegeven moment zag ze hem weer staan, met zijn sjaal terug op zijn plaats, alsof er niets was gebeurd.
Volgens de Brusselse politie werd de man gearresteerd. Agenten vermoeden dat hij onder invloed was.
De dag van de aanval besteedde Hardy veertig minuten aan telefoontjes naar de Amerikaanse ambassade. Ze beschreef wat er was gebeurd en smeekte om hulp: “Iemand heeft geprobeerd ons te vermoorden omdat we Amerikaans zijn. Kunnen jullie alsjeblieft iemand sturen?”
Het antwoord was volgens Hardy ontnuchterend: het was weekend, en zolang ze hun paspoort hadden, was dit geen zaak waar de ambassade doorgaans bij hielp. Sommige Brusselse politieagenten boden wel assistentie, maar andere zouden de groep in de steek hebben gelaten toen ze opnieuw dezelfde trein moesten nemen richting Brugge.







