Het Cubaanse regime bevindt zich in een eindfase. Na decennia van terreur, ballingschap en onderdrukking implodeert de laatste grote vesting van het communisme in het westelijk halfrond. Maar het échte verhaal is niet alleen dat van een meedogenloze dictatuur — het is ook dat van een langdurige westerse toegeeflijkheid.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Het communisme, de meest misdadige ideologie in de geschiedenis van de mensheid, verliest hiermee het laatste juweel van zijn met bloed doordrenkte kroon. Honderd miljoen slachtoffers wereldwijd. Tienduizenden Cubanen afgeslacht om politieke redenen, honderdduizenden verdwenen, miljoenen in ballingschap. De onderdrukking bleef actief tot op vandaag, met een ongekend hoog aantal politieke gevangenen tijdens de protesten van 2021.
Collaborateurs met een blazoen
En toch vonden westerse leiders decennialang de weg naar Havana. Pierre Trudeau bouwde een hechte persoonlijke vriendschap op met Fidel Castro en was in 1976 de eerste NAVO-leider die Cuba bezocht. Zijn zoon Justin prees Castro bij diens overlijden als een “opmerkelijke leider”. Barack Obama leidde de Cubaanse dooi van 2014 tot 2016 en reisde als eerste zittende Amerikaanse president sinds 1928 naar Havana. De lijst is lang, de verantwoordelijkheden variëren — maar de patronen zijn onmiskenbaar.
Eén naam springt er in Europese context uit: Louis Michel. Als Belgisch minister van Buitenlandse Zaken én fungerend EU-voorzitter bracht hij in augustus 2001 een enthousiast bezoek aan Havana. Hij ontmoette Castro urenlang, de ontmoeting werd door internationale pers omschreven als hartelijk en vriendschappelijk. Castro nodigde hem uit voor een rit op een Harley-Davidson door de straten van Cuba — een grove marketingstunt, waaraan de figuur die toen Europa vertegenwoordigde zich evenwel enthousiast overgaf. Symbolische, diplomatieke, economische én narratieve collaboratie: voor het tribunaal van de geschiedenis heeft Michel zich aan alle vier schuldig gemaakt.
“Terwijl Louis Michel glimlachend op de officiële Harley troonde, kregen politieke gevangenen een kogel in de nek, anderen werden gemarteld en tientallen gezinnen gingen op weg naar ballingschap”, schrijft Drieu Godefridi. De geschiedenis van de collaboratie met de communistische folteraars moet nog geschreven worden. Maar de hoofdstukken kennen we al.
Het volledige artikel over dit thema leest u hier:







