Net als haar voorganger Luc Sels, pleit Séverine Vermeire als rector van de KU Leuven voor een versoepeling van de taalwetten. Ze deed dat niet tijdens haar toespraak bij de academische opening op 16 september, maar verdoken in een nieuw strategisch plan.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Het door de universiteit gesubsidieerde studentenblad Veto analyseerde dat niet-publieke plan. Studentenvereniging KVHV-Leuven is daarover verbolgen. De academische wereld is dat pleidooi intussen blijkbaar zo gewoon dat ze er niet meer van wakker ligt. Onterecht?
Een plan achter slot en grendel
Tijdens haar eerste academiejaar als rector schreef Séverine Vermeire het strategisch plan voor haar beleidsperiode. Het plan Vertrouwen als fundament: een wendbare universiteit met duurzame impact telt 37 pagina’s en schetst de krijtlijnen van het beleid voor de komende drie jaar.
“Het strategisch plan pleit, in samenspraak met de andere Vlaamse universiteiten, voor soepelere taalregels”, vatte Veto het samen.
Veto: “Zowel op het vlak van onderwijs als onderzoek stuit de universiteit op de Vlaamse taalregeling. Die regeling stelt dat het Nederlands de standaard onderwijstaal is in alle initiële opleidingen. Dat zorgt voor veel dubbele opleidingen en strenge taalvereisten voor internationale proffen. Het strategisch plan pleit, in samenspraak met de andere Vlaamse universiteiten, voor soepelere taalregels ‘omdat de huidige niet compatibel is met de échte uitdagingen’.”
Niet verenigbaar met de uitdagingen. Dat is een straffe uitspraak. We hadden ze graag zelf nagelezen, maar de pdf zit achter een slotje op de website van de KU Leuven.
Sels deed het in 2023 al eens voor
In 2023 hield Vermeires voorganger Luc Sels een pleidooi voor “een versoepeling van de taalwetgeving”. Het ging toen om een ingebeeld concurrentienadeel dat de Vlaamse universiteiten zouden oplopen door de zeer strikte taalvereisten voor niet-Nederlandstalige docenten.
Gerenommeerde professoren als Ludo Beheydt, Marja Verbergt, Gita Deneckere en Bruno De Wever schreven meteen opiniestukken in De Morgen en De Standaard.
Voorstanders als Godelieve Laureys en Kristiaan Versluys, de auteurs van het rapport Language Matters, publiceerden in Knack een tegenaanval. Zij beweerden: “We zijn ook wel geschrokken van de harde en sterk geïdeologiseerde standpunten, die volgens ons niet bijdragen tot een open dialoog.”
Een discussie van dertig jaar oud
De discussie sleept al jaren aan. De verengelsing van de universiteiten is een realiteit. Ze begon zo’n dertig jaar geleden in Nederland, waar de situatie al veel erger was. Vlaanderen volgde spoedig.
Voor wie in het Engels doceert, zijn de kwaliteitseisen intussen opgetrokken. Docenten met een andere moedertaal dan het Engels hebben een CEFR-certificaat niveau C1 nodig. De Vlaamse universiteiten nemen daarvoor examens af bij docenten van universiteiten en hogescholen.
Achter de taal schuilt de kassa
Achter de vermenigvuldiging van Engelstalige cursussen aan Vlaamse universiteiten schuilt een zeker mercantilisme. Het aanbod van Engelstalige opleidingen en de aanwezigheid van buitenlandse studenten vormen een bron van inkomsten voor de universiteiten.
Tegelijk zijn mondiale studentenstromen en internationale rekrutering ook een realiteit. Volgens Laureys en Versluys werd in 2023 ongeveer 30 procent van de doctoraten aan de Vlaamse universiteiten behaald door buitenlandse onderzoekers.
Ludo Beheydt schreef dat waakzaamheid geboden was. Voor de voorstanders heet dat dan “de overtrokken culpabilisering van de academische beleidsmakers”, want “geen enkele Vlaamse rector is voorstander van een verregaande verengelsing”. Maar is dat wel zo?
Drie historici doorprikken het verhaal
Gita Deneckere, Bruno De Wever en Antoon Vrints zijn historici aan de UGent. Zij dachten daar in 2023 anders over. De eerste zin van hun opiniestuk in De Morgen was duidelijk: “Bij het begin van elk academiejaar klinken van de kant van universitaire bestuurders jammerklachten over de zogenaamd al te stringente taalregeling van het hoger onderwijs in Vlaanderen.”
Een duidelijke boodschap. Ze vervolgden: “Deze keer was het de beurt aan KU Leuven-rector Luc Sels, die zelfs verklaart dat de taalkwestie een veel ernstiger probleem vormt dan de onwettige onderfinanciering van het hoger onderwijs. Hij wil dubbel zoveel Engelstalige bachelors aanbieden als vandaag al mag en de verplichting voor anderstalige proffen om binnen vijf jaar na aanstelling Nederlands te leren uithollen.”
De argumenten van De Wever en zijn collega’s waren sterk: “Al even voorspelbaar is de argumentatie dat de taalregels ‘topwetenschappers’ afschrikken om naar Vlaanderen te komen en de werving van buitenlandse studenten in de weg staan. Daardoor zouden ze niet alleen de groei en bloei van het hoger onderwijs in de weg staan, maar ook een hypotheek leggen op de ontwikkeling van de kennisregio Vlaanderen.”
C1 voor de Vlaming, B2 voor de buitenlander
Het trio historici vergat ook niet fijntjes op een discriminatie te wijzen. Een Vlaming die in het Engels lesgeeft aan een Vlaamse universiteit of hogeschool, moet niveau C1 halen. Dat is het op één na hoogste niveau van talenkennis. Een anderstalige prof in Vlaanderen moet na ettelijke jaren maar niveau B2 voor Nederlands halen.
“Onze universiteiten trekken veel buitenlandse proffen aan en die collega’s zijn doorgaans meer dan bereid om Nederlands te leren. Het B2-niveau in vijf jaar is ook niet bepaald een onmogelijke opdracht.”
B2 betekent vloeiend en spontaan reageren, zodat een normaal gesprek met moedertaalsprekers mogelijk is zonder dat het voor een van beide partijen veel inspanning kost.
KVHV: “Wij stellen ons hier sterke vragen over”
Dit jaar maakten de studenten van KVHV-Leuven zich boos op Vermeire en haar taalplannen. Hoofdredacteur Vincent Schoofs v. Zucker van Ons Leven, het blad van KVHV, zei tegen PAL: “Verder had de rector het ook over verdere internationalisering van de universiteit en het versoepelen van de taalwetten. Als een beweging die pleit voor het behoud van het Vlaamse karakter aan onze universiteit, stellen wij ons hier ook sterke vragen over, zeker in het kader van wat er tijdens de mis gebeurde.”
De kritiek van de Vlaamse studenten sluit inhoudelijk aan bij een ouder opiniestuk van intussen emeritus professor Bruno De Wever van de UGent. De Wever schreef in 2023, als hoofdredacteur van het tijdschrift WT en in naam van de hele redactie, een open brief in De Standaard.
“Terwijl Nederland de verregaande verengelsing probeert tegen te gaan, met Vlaanderen als voorbeeld, wil de Koninklijke Vlaamse Academie juist de regels ter zake versoepelen. Dat is op zijn minst ironisch”, klonk het.
En wie bedoelde De Wever met die Koninklijke Vlaamse Academie van België? Juist de adviesschrijvers Laureys en Versluys, die hoger in dit artikel aan bod kwamen.
Nederland remt, Vlaanderen geeft gas
Bruno De Wever trok de discussie open naar Vlaanderen en Nederland. Hij wees op een motie in het Nederlandse parlement: “Kras genoeg verloopt die verengelsing tegen de geest van de wet in. De wet schrijft immers in principe het Nederlands voor als onderwijstaal, maar universiteiten maken gebruik van vage uitzonderingsclausules om haar te ontduiken. Daardoor is de uitzondering de regel kunnen worden, mede doordat de politiek heeft laten betijen.”
De Wever legde het uit: “Het is dan ook op zijn minst ironisch dat de Koninklijke Vlaamse Academie van België (KVAB) een week later op de proppen kwam met een standpunt over het taalgebruik aan de universiteiten dat haaks staat op de motie van het Nederlandse parlement. De KVAB adviseert om de Vlaamse regelgeving ter zake te versoepelen, omdat die te knellend zou zijn, en om universiteiten meer autonomie te geven om hun eigen taalbeleid te ontwikkelen.”
“Nochtans is die taalwetgeving helemaal niet strikt en is die de afgelopen jaren al herhaaldelijk afgezwakt (significant genoeg in een periode met Vlaams-nationalistische machtsdeelname). Ze biedt volop gelegenheid voor Engelstalige programma’s voor een internationaal publiek. Van de masters mag 35 procent in een andere taal aangeboden worden, van de bachelors 9 procent.”
De befaamde historicus vergeleek meteen het Nederlandse en het Vlaamse systeem: “Met name blijkt de vermaledijde kwantitatieve begrenzing van het aandeel anderstalige opleidingen en vakken in Vlaanderen een veel betere bescherming voor het Nederlands te bieden dan een algemeen principe met uitzonderingsclausules, zoals in Nederland. In de praktijk blijkt immers altijd wel een of ander argument te vinden om een opleiding of vak te verengelsen.”
“Als universiteiten hun taalregime zelf kunnen bepalen, zullen ze uit markt- en prestigeoverwegingen snel verengelsen.”
Het besluit van De Wever was zeer duidelijk: “Willen we de democratische toegang tot de universiteit versterken of nog extra drempels opwerpen? Willen we het Nederlands laten floreren of het laten verschrompelen tot een huis-tuin-en-keukentaal?”
“Net wegens dat publieke belang moet de onderwijstaal duidelijk wettelijk geregeld worden door de vertegenwoordigers van het volk. Dat de onderwijstaal een politieke kwestie van de eerste orde vormt, is een dure les die het Nederlandse parlement nu – weliswaar rijkelijk laat – geleerd heeft. Hopelijk knoopt het Vlaamse parlement haar ook goed in de oren.”
De minister zwijgt
Toch blijft de versoepeling van de taalwetgeving academiejaar na academiejaar terugkomen. Dat heeft niets met Vlaamse studenten te maken, maar alles met geld.
Daarom vroeg PAL een reactie aan de woordvoerder van Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA). Die kwam er vooralsnog niet.
Geen woord over taal in de toespraak
Bij een grondige lezing van de toespraak op de website van de KU Leuven blijkt de passage over de taalwetgeving niet in de gepubliceerde teksten te staan. Ook in de video van 1 uur en 35 minuten kwam ze niet voor.
Vermeire zei daarin wel: “In ons strategisch plan formuleren we de ambitie om studenten optimaal voor te bereiden op een steeds meer geglobaliseerde en diverse samenleving. Daarom willen we elke student tijdens zijn of haar opleiding in contact brengen met internationale en interculturele ervaringen, zowel op onze campussen als via mobiliteitstrajecten in het buitenland.”
Over de taalregeling geen woord. Maar in een warrig betoog over AI en aanverwante thema’s besloot Vermeire: “Dat zijn fundamentele vragen over wie bepaalt wat een universiteit is en hoeveel ruimte ze krijgt om haar opdracht zelf vorm te geven.”
Een universiteit wars van inmenging dus: “Hoeveel erosie van onze autonomie zijn we bereid te aanvaarden? Universiteiten mogen geen ivoren torens zijn. Maar ze mogen evenmin verlengstukken worden van politieke, economische of ideologische agenda’s.” Vermeire wist duidelijk dat er tegenwind zou komen.






