Hoe gaat dat eigenlijk met mensen die geboren zijn op een schrikkeldag? Vieren die maar om de vier jaar hun verjaardag? En wat met belangrijke gebeurtenissen die plaatsvinden op zo een dag? Worden die dan minder herdacht? Was 2026 een schrikkeljaar geweest, zouden we dan wél aandacht hebben besteed aan de dertigste verjaardag van wat op 29 februari 1996 is gebeurd?
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Op die dag presenteerde minister-president Luc Van den Brande zijn fameuze ‘Schrikkelnota’ in het Vlaams Parlement. Er was al lang aangekondigd dat de Vlaamse Regering een voorzet zou geven voor het debat over een nieuwe staatshervorming in de commissie Staatshervorming. Maar niemand verwachtte daar veel van. Het was de tijd dat Van den Brande in de cartoons van Meynen werd afgebeeld als een wat zielig mannetje dat met een veel te grote leeuwenvlag stond te zwaaien en brutaal de les werd gespeld door bullebak Jean-Luc Dehaene.
Radicale Vlaamse Regering
Groot was dan ook de verbazing op die schrikkeldag toen bleek hoe radicaal de nota van de Vlaamse Regering wel was. Er werd gepleit voor verregaande bevoegdheidsoverdrachten op tal van terreinen. Een verdere staatshervorming moest worden gebaseerd op de fundamentele tweeledigheid van België. Brussel moest een specifiek en meer ondergeschikt statuut krijgen. Er was niet langer sprake van ‘gewesten’ en ‘gemeenschappen’, maar wel van ‘deelstaten’. De nota was het startsein voor een grondig debat dat drie jaar later zou uitmonden in de mythische vijf resoluties.
Het contrast met wat een kwarteeuw later gebeurde in het Vlaams Parlement is immens. Eind 2020 werd daar de Werkgroep Institutionele Zaken opgericht. Naïevelingen dachten dat de leden van het Vlaams Parlement opnieuw stevige bakens zouden uitzetten voor een verdere staatshervorming. Er werden 32 hoorzittingen georganiseerd met 96 experten. Schrijven dat de berg finaal een muis baarde, is onrecht doen aan deze diersoort. De werkgroep produceerde in 2022 een ‘conceptnota’ die niet meer was dan een flinterdun niemendalletje van een haast lachwekkende trivialiteit.
Vanwaar het verschil tussen 1999 en 2022? Tijdens de vorige legislatuur weigerde de Vlaamse Regering, onder leiding van Jan Jambon, om zich te engageren in het communautaire debat. Men liet de leden van het Vlaams Parlement maar wat aanmodderen. Daardoor werd de hele bedoening niets meer dan vrijblijvende bezigheidstherapie.
Vlaamse onderzoeksgroep
In de jaren negentig daarentegen was de Vlaamse Regering de motor achter de werkzaamheden van de commissie Staatshervorming. Het waren de kabinetten die de debatten voedden. Dat gebeurde onder meer op basis van fiches van de Vlaamse administratie. Minister-president Van den Brande was de drijvende kracht achter dat alles. Maar daar was in een vorige legislatuur al een begin mee gemaakt door Johan Sauwens. Als minister bevoegd voor staatshervorming had hij de Vlaamse Onderzoeksgroep Sociale Zekerheid 2002 opgericht.
1996 was ook het jaar waarin de ‘Proeve van Grondwet voor Vlaanderen’ verscheen, van de hand van vijf Vlaamsgezinde constitutionalisten. Het was een even briljant als doorwrocht werkstuk dat de juridische onderbouw leverde voor het in de resoluties vooropgestelde ‘twee plus twee’-model. Dit alles maar om te zeggen dat men bij het opstellen van de vijf resoluties niet over één nacht ijs is gegaan. Die waren enkel maar het topje van de ijsberg. Onder de oppervlakte zat een grondige technische voorbereiding.
Geen hoop
En hoe zit het vandaag? Waar en door wie wordt een nieuwe staatshervorming technisch voorbereid? De Vlaamse Regering laat het duidelijk afweten. De huidige minister-president mag dan wel een Vlaams-nationalist zijn, hij is slechts een schim van zijn illustere christendemocratische voorganger uit de jaren 1990. In de vorige legislatuur liet minister Zuhal Demir nog een studie maken over de splitsing van Justitie, maar daar is het kennelijk bij gebleven. Vorige minister-presidenten namen zich voor om de Vlaams-Waalse transfers jaarlijks te monitoren. Maar ook dat voornemen werd eind vorig jaar begraven.
En het confederalisme-plan van de N-VA? Dat ligt stof te vergaren in de Koningsstraat. Toen het plan eind 2013 werd voorgesteld, waren er nog heel wat losse eindjes en technische kwesties die moesten worden uitgeklaard. Via welk stappenplan zou men het confederalisme kunnen realiseren? Hoe zou het door de N-VA in het vooruitzicht gestelde ‘Grondverdrag’ tussen Vlaanderen en Wallonië eruit kunnen zien? Hoe zou een volledig gesplitste sociale zekerheid functioneren in het confederale België? Wat met de Europese Unie, die steeds meer geneigd is om deelstaten te negeren en enkel nog met de nationale staten te praten?
In januari 2016 leek het er even op dat Hendrik Vuye en Veerle Wouters de institutionele blauwdruk van de partij verder zouden ontwikkelen in het kader van ‘Objectief V – Studiecentrum Confederalisme’. Toen keek ik reikhalzend uit naar een ‘Proeve van confederaal Grondverdrag’, even doorwrocht als het boek van 1996. Maar na amper acht maanden hield het duo het al voor bekeken, omdat ze zich te weinig gesteund voelden door de partij. Onder leiding van Sander Loones en Matthias Diependaele stierf ‘Objectief V’ nadien een stille dood.
Politieke wil
Vandaag heeft de studiedienst van de partij duidelijk andere prioriteiten. Wie op de N-VA-website informatie zoekt over het confederalisme, komt terecht op een oude pagina met kinderachtige filmpjes en simpele antwoorden op veel gestelde vragen. Hoe gaan we het confederalisme realiseren? Daar zal u in de eerste plaats zelf over beslissen in het stemhokje. En hoe zit dat juridisch? Elke fundamentele shift in België werd doorgevoerd buiten de grondwet om. Als de politieke wil er is, kan het snel gaan.
Dat laatste is alvast zeer twijfelachtig. Een staatshervorming komt nooit zomaar uit de lucht vallen, maar vergt een grondige technische en politieke voorbereiding. Als we het huidige herstelbeleid niet kunnen voortzetten in 2029, dan is het tijd voor confederalisme, maakt de N-VA zich sterk. Denken ze daar echt dat het zal volstaan om die oude map uit de schuif te halen en op tafel te leggen? En dat het dan op een miraculeuze wijze ‘snel zal gaan’? Of is de ongemakkelijke waarheid dat het ‘confederalisme’ bij de N-VA niet veel meer is dan een symbolische fetisj, waar hoogstens nog ritueel naar verwezen wordt om de flamingantische achterban te paaien?
Meer over het confederalisme







“Denken ze daar echt dat het zal volstaan om die oude map uit de schuif te halen en op tafel te leggen ?” Die map zal pas op tafel worden gelegd als in de keuken van de N-VA het wekkertje van de Bomma afgaat.
De N-VA is een wolvenkind van de cd&v : tussen het partijprogramma en het uitvoeren ervan zit een bocht van honderdtachtig graden.
De bedrieglijke politieke propaganda van N-VA is te vergelijken met bedrieglijke reclame. De eerste is niet strafbaar de tweede wel. Zoek de fout !