De media en onze politici blijken bijzonder weinig te begrijpen van de Europese Unie. Dan gaat het vooral over bevoegdheden van allerlei instellingen en functies. De grootste verwarring bestaat er over het Europees Parlement en de Europese Commissie. Elk jaar tijdens en na de fameuze “state of the union” in Straatsburg blijkt maar weer eens hoe naïef alles en iedereen hiermee omgaat. Daarom deze crashcursus-EU voor onze politici en journalisten.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
De toespraak van de voorzitter van de Europese Commissie in het Europees parlement in Straatsburg is elk jaar het hoogtepunt van de propaganda en zelfverheerlijking van de Europese Commissie. Dat krijgt ook altijd veel aandacht omdat meer dan de helft van de 500 aanwezige journalisten hun reis en hotelovernachting naar Straatsburg vergoed krijgen door de Europese Commissie of het Europees Parlement. De rest van het jaar volgen ze meestal de EU niet.
De zogenaamde state of the union is afgekeken van de Amerikaanse politiek. De Vlaamse minister-president doet trouwens hetzelfde in het Vlaams parlement. Het is politieke marketing waarbij een regeringsverklaring opgeklopt wordt tot een belangrijk evenement. Het probleem met de voorzitter van de Europese Commissie die zo’n toespraak houdt in het Europees parlement, is dat hij of zij geen regeringsleider is. Ursula von der Leyen is niet meer dan de primus inter pares van een college van ambtenaren. Met dit verschil dat al die ambtenaren politici zijn die door de lidstaten van de Europese Unie daar genoemd zijn.
State of the Union
In haar toespraak op 16 september bood Von der Leyen Canada een apart statuut aan als geassocieerd lid van de Europese Unie. Dit laatste is gewoon bespottelijk, want de Europese Commissie kan onderhandelen én namens de EU teksten paraferen of ondertekenen, maar de Commissie sluit geen verdragen af. De formele bevoegdheid om een internationaal akkoord namens de EU te sluiten ligt bij de Raad, binnen de procedure van artikel 218 VWEU. De reactie van de Amerikaanse president Trump was al even ontwetend. Von der Leyen ging eens te meer haar boekje te buiten. Voor buitenlands beleid vertegenwoordigt trouwens de Hoge Vertegenwoordiger de EU en niet de Commissie.
Dat kan Von der Leyen enkel omdat de Europese Raad of met andere woorden de vergadering van de regeringsleiders van de lidstaten haar veel te veel buiten de lijntjes laat kleuren. Een fenomeen dat zeker sinds de Covid19-pandemie en de Russische invasie van Oekraïne totaal ontspoort. Von der Leyen lijkt wel meer bezig met dingen die buiten de bevoegdheid van haar functie en instelling van dan met bevoegdheden die ze verdragsrechtelijk toegewezen kregen.
Alles draait rond de schijn van een Europese regering. Om de schijn van een regering op te houden keurt het Europees Parlement de benoemingen goed met een stemming. Alsof ze een regering bevestigen. De Europese Commissie is wel de executieve arm van de Europese Unie. Alleen spelen de ambtenaren bij de Commissie ministertje en regeringetje.
Dit is een weeffout en een dubieuze institutionele structuur die bewust wordt uitgebuit door de federalisten die streven naar een EU-staat. De EU is geen staat, maar een intergouvernementele organisatie (IGO). Een verdragsorganisatie als zovele andere. Navo, OESO, Verenigde Naties enzovoort. Elke dergelijke IGO heeft een verdrag, een secretariaat, een vergadering, een rechtbank enzovoort. Dat zijn de organen van de samenwerking.
IGO
Kenmerken van een IGO zijn dat het een vrijwillige samenwerking door soevereine lidstaten is. Daarop was slechts één uitzondering, namelijk het Warschaupact. Opgelegd door de Sovjetunie aan de marionettenregimes in het Oostblok.
Elke IGO heeft een internationale juridische status of rechtspersoonlijkheid binnen een volkenrecht of het internationaal recht. Dat laatste gaat over immuniteiten en bevoegdheden. Die bevoegdheden volgen uit de doelstellingen van die verdragsorganisatie. Elke IGO is een permanente organisatie en niet tijdelijk.
Toegepast op de Europese Unie gaat het dan om de volgende instellingen: de Europese Raad, de Raad van de EU, de Europese Commissie, het Europees Parlement, het Hof van Justitie, de Europese Centrale Bank en de Europese Rekenkamer.
Het is heel belangrijk de bevoegdheden van elk van die hoofdinstellingen te kennen. U las het goed hoofdinstellingen, er zijn dus nog een boel neveninstellingen zoals de Europese Investeringsbank (EIB), Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC), het Comité der Regio’s (CoR) en de Europese Ombudsman.
De Europese Commissie is het orgaan dat de uitvoerende macht uitoefent. Elke vijf jaar kiest het EP de leden, maar het EP kan zelf geen kandidaten voorstellen. De Europese Commissie kan elke lidstaat straffen wanneer deze de EU-wetgeving overtreedt. De Commissie heeft het initiatiefrecht qua EU-wetgeving.
Dit initiatiefrecht is opmerkelijk, want het Parlement en de Raad (de lidstaten) hebben geen initiatiefrecht. Europese Raad geeft richting aan het EU-beleid, maar kan geen wetten maken. De Raad heeft een president die de vergadering leidt en is samengesteld uit staatshoofden of regeringsleiders. De voorzitter van de Europese Commissie zetelt ook in die Raad.
Raad van de Europese Unie (Council of Ministers) is deel van de wetgevende macht. Het roterende voorzitterschap is in handen van een lidstaat gedurende zes maanden. Ook de Raad van de EU heeft geen initiatiefrecht.
Het Europese Parlement vertegenwoordigt de burgers in de EU. Elke vijf jaar wordt het rechtstreeks verkozen. Het Parlement deelt de wetgevende macht met de Raad van de EU. Net als de beide raden heeft het Europees Parlement geen initiatiefrecht.
EU-wetgeving
De taak van de Commissie is voorstellen te doen voor EU-wetgeving en de bestaande EU-wetgeving te bewaken en eventueel lidstaten te straffen die die EU-wetgeving overtreden. Het Europees Parlement is slechts een parlement in naam. In feite is het een vergadering van een IGO die resoluties kan stemmen, maar totaal geen wetgeving van initiëren of regeringen samenstellen of naar huis sturen. De Raad van de EU zijn dan weer de ministers van de lidstaten en hun ministeries die de door de Commissie voorgestelde wetgeving samen met Parlement mogen goedkeuren, maar die evenmin zelf initiatieven mogen nemen. De regeringsleiders in de Europese Raad zetten de lijnen uit maar vergaderen met de voorzitter van de Commissie erbij. Finaal keurt de Raad wel alles goed.
Omdat Von der Leyen deelneemt aan alle vergaderingen van de Europese Raad acht ze zich minstens de gelijke van de Franse president of de Duitse bondskanselier. Deze grootheidswaanzin is geheel te danken aan de structuren van de EU-instellingen.
Hoe is het zover gekomen? België heeft na de Tweede Wereldoorlog altijd het standpunt verdedigd dat oplossingen binnen een multilateraal kader moeten worden gezocht: de Europese Unie en de Organisatie van de Verenigde Naties uiteraard, maar ook andere internationale instellingen zoals de OESO, de OVSE en de Raad van Europa.
In de Europese Unie bestaat al sinds de oprichting een discussie over de balans tussen intergouvernementalisme en supranationalisme. In haar autobiografie schreef Margaret Thatcher over twee visies op Europa.
“[…] ben ik in staat om de periode van mijn tweede ambtstermijn als premier te beschouwen als de tijd waarin de Europese Gemeenschap subtiel, maar onmiskenbaar, afgleed van een gemeenschap van vrij handelsverkeer, beperkte regulering en vrijwillige samenwerking van soevereine staten naar een gemeenschap van dirigisme en centralisme.”
Volgens Thatcher namen de onderliggende krachten van federalisme en bureaucratie sedertdien steeds toe.
De State of the Union van Ursula von der Leyen draaide dan ook niet toevallig om een “sterker, onafhankelijker Europa” in een onvoorspelbare wereld, met concrete voorstellen op het vlak van veiligheid, klimaat, migratie, digitale ruimte en buitenlandse allianties. Eigenlijk allemaal stuk voor stuk geen bevoegdheden van de Europese Commissie volgens de verdragen.






