Vandaag maakte de Japanse overheid bekend dat de vermoorde oud-premier Shinzo Abe op 27 september een staatsbegrafenis krijgt. De man was een van de belangrijkste leiders die het land kende sinds 1945. Hij stuurde het land fundamenteel in een andere richting en liet zich kenmerken door een totaalvisie op zijn land en regio.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Na de Tweede Wereldoorlog en de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki kwam er een grondige verschuiving binnen het Japanse defensiebeleid. Agressief beleid werd onmogelijk gemaakt, onder meer door het pacifisme vast te leggen in artikel 9 van de grondwet. Dat verklaart waarom het Japanse volk oprecht streeft naar vrede gebaseerd op rechtvaardigheid en orde. Het ziet daarom “voor altijd af van oorlog als soeverein recht van de natie en van de dreiging met of het gebruik van geweld als middel om internationale geschillen te beslechten”.
Stevig pacifisme
Japanners, geschokt door de destructieve kracht van de oorlog, stonden zelfs weigerachtig tegenover de VS toen die hen aanmoedigden om opnieuw een leger uit te bouwen nadat de Chinese communisten het pleit wonnen, de Sovjet-Unie een vijand werd en er oorlog uitbrak in Korea. Japan stemde ermee in om een nationale politiereserve – de Self-Defense Forces (SDF) – aan te houden, een paramilitaire kracht van zo’n 75.000 mensen om het eiland te verdedigen.
Toen het einde van de Koude Oorlog aanbrak, leek het belang van deze nationale politiereserve opnieuw af te nemen. Tijdens de Golfoorlog kon Japan geen troepen sturen. Het zorgde enkel voor financiële middelen en militair materiaal. Deze chequeboekdiplomatie bleek internationaal echter weinig gerespecteerd. Vanaf 1991 nam de SDF opnieuw deel aan internationale, vredeshandhavende missies. Tien jaar later participeerde de SDF ook in antiterreuracties.
Shinzo Abe
De bovenvermelde veranderingen zijn significant, maar al bij al beperkt. Dat veranderde onder het bewind van Shinzo Abe. In 2006 besloot de regering om defensie om te vormen van een agentschap tot een volwaardig ministerie. Tijdens zijn tweede regeerperiode ging hij nog een stap verder. Het pacifisme werd ‘proactief’ en Japan nam een regionale rol op zich. Zijn regering herinterpreteerde de grondwet en zag er het recht op collectieve zelfverdediging in, waar ook de bondgenoten onder vielen. Die houding kreeg steun toen jihadisten van de Islamitische Staat (IS) twee Japanse burgers gijzelden en later doodden. Vanaf 2015 nam Japan als volwaardige partner samen met India en de VS deel aan de maritieme oefeningen van Malabar. In datzelfde jaar kwam er een grote wetgevende aanpassing waardoor het land ook mocht tussenkomen in buitenlandse conflicten. Het defensiebudget werd opgetrokken tot het hoogste niveau in decennia.
Volgens Japan-kenner Robert Ward, directeur geo-economie en strategie bij het Internationaal Instituut voor Strategische Studies (IISS), wilde Abe Japen opnieuw een grootse status geven. Abe wilde de Japanse autonomie, die sinds de Tweede Wereldoorlog verloren was, herstellen door de grondwet te wijzigen en de beperkingen rond het leger weg te nemen.
Unieke visie
Was deze koerswijziging het product van de visie van Abe? “De hervormingen rond nationale veiligheid in de tweede ambtstermijn van Abe waren van de meest verregaande sinds 1945″, luidt het antwoord van Ward. “Institutioneel, met de creatie van de nationale veiligheidsraad in 2013, en ook via de uitbreiding van de bevoegdheden van de SDF om ‘collectieve zelfverdediging’ toe te laten.”
Abe was volgens Ward een van de eerste Westerse leiders die de risico’s inzag van de groei van China. Bepaalde veranderingen in Japan lijken dan ook onvermijdelijk, gelet op de aard van het Chinese regime, maar “de bijdrage van Abe was uniek, in die zin dat zijn visie langs meerdere domeinen geïntegreerd was”. Ward verwijst onder meer naar de Abeonomics, het economische beleid, en het militaire en internationale beleid. “Abe geloofde dat China vanuit een positie van kracht moest worden benaderd”, aldus Ward.
Ondanks alle veranderingen blijft het Japanse leger een defensieve macht. Zelfs de collectieve zelfverdediging kan maar in heel specifieke omstandigheden plaatsvinden. In dat licht maakt het land zich steeds meer zorgen over de situatie in Taiwan. Japan publiceerde vrijdag een defensierapport. Het wil werken aan zijn aanvalscapaciteiten en schenkt ook aandacht aan domeinen als de cyberwereld en de ruimte. De budgetten voor het leger stijgen ook verder. Relatief gezien zal Japan tot de top van de wereld behoren op vlak van defensie-uitgaven.
VS blijven de hoeksteen
Hierbij dient wel opgemerkt te worden dat de VS de hoeksteen blijven van de Japanse veiligheidsstrategie. “Maar de omvang van de dreiging van China in Azië-Pacific betekent dat de VS ook Japan nodig hebben om meer te doen voor de regionale veiligheid.”
De Russische invasie van Oekraïne heeft bovendien een grote weerslag in de regio. Minister Kishida heeft het over “Oekraïne vandaag is Oost-Azië morgen”. Daarbij loopt Taiwan heel veel gevaar, “maar ook Rusland zelf is een grotere bedreiging geworden voor de noordflank van Japan”. Bovendien is er ook nog het regime in Noord-Korea. “Japan wordt dus geconfronteerd met verschillende risico’s aan zijn westkant”, schetst Ward.
Abe begreep volgens Ward dat China niet kan worden ingeperkt. “In tegenstelling tot de Sovjet-Unie is China ingebed in de wereldeconomie en domineert het de Aziatische economieën. In plaats daarvan probeerde hij Japan als tegenwicht voor China te positioneren.” Zijn concept van een vrije en open regio stond in theorie open voor China, op voorwaarde dat Peking de parameters ervan onderschreef. “Met FOIP probeerde Abe kleinere landen in de regio een derde weg te bieden om hen ervan te weerhouden zich achter China te scharen“, besluit Ward. Hoewel Abe dus rode lijnen hanteerde in de betrekkingen met China, zoals de noodzaak om het internationale recht te eerbiedigen, begreep hij ook dat China betrokken moest worden.







