Vzw Museum aan de IJzer, de vzw achter de IJzertoren, moet het sinds begin dit jaar met de helft minder subsidies zien te rooien. Maar daar zijn we hoegenaamd niet rouwig om. Het linkse haatclubje dat thans ónze IJzertoren mismeestert, heeft het de afgelopen jaren immers wel héél bont gemaakt.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Partijen, organisaties of verenigingen die nog maar in de verste verte een link hebben met het Vlaams-nationalisme, zijn al lang niet meer welkom op de jaarlijkse IJzerbedevaarten. Zelfs de Vlaamse oud-strijdersbond (VOS) – vandaag VOS Vlaamse Vredesvereniging vzw – en haar vlaggendragers worden sinds enige jaren buitengekeken op de IJzerbedevaart.
Ook dit weekblad was niet welkom in of rond de IJzertoren om er zijn 80ste verjaardag te vieren. En alsof hetbovenstaande nog niet zou volstaan om uw Vlaams hart te doen bloeden, was niemand minder dan deeltijds viroloog en voltijds Vlamingenhater Marc Van Ranst vorig jaar een van de gastsprekers op de IJzerbedevaart. Hoeft het te verbazen dat er op de laatste editie slechts een 100-tal bezoekers present tekende?
Enter Peter De Wilde. De voorzitter van het Davidsfonds zetelt sinds kort in de raad van bestuur van vzw Museum aan de IJzer. Die vzw ontvangt voor het beheer van de IJzertoren immers ook subsidies van Onroerend Erfgoed, het agentschap waarvan De Wilde een van de leidende ambtenaren is. In die hoedanigheid werd hij gedelegeerd naar de raad van bestuur van de vzw.
Op de eerste vergadering die De Wilde bijwoonde, kon hij meteen vaststellen dat de situatie “heel problematisch” is. “Men heeft zichzelf ingegraven in het eigen gelijk”, vertelt hij met enige zin voor cynisme in een interview met ‘t Pallieterke. Twee kampen staan er lijnrecht tegenover elkaar: het ene wil dat het aan de IJzertoren om de Vlaamse ontvoogdingsstrijd draait, terwijl het andere kamp de vredesbeweging vertegenwoordigt. Voor De Wilde moet het net over beide gaan.
Geen plaats voor fratsen rond diversiteit en migratie
Nog volgens De Wilde heeft de vzw haar prioriteiten niet op orde. Naast de twee kernelementen – de Vlaamse ontvoogdingsstrijd en ‘Nooit meer oorlog’ – hanteert de vzw een wel heel ruime definitie van activisme. “Een vzw die in financiële problemen zit, moet eerst kijken naar de kerntaken. Pas daarna kan je bekijken of er nog ruimte is voor andere initiatieven”, luidt De Wildes harde conclusie.
Vrij voor u vertaald: de vele fratsen rond diversiteit, migratie en verbondenheid kan de vzw zich eigenlijk niet veroorloven. Laat ons daarom hopen dat de tweetalige (!) tentoonstelling ‘Tissons des liens – Laten we banden smeden’ – een samenwerking tussen de Provincie West-Vlaanderen, Vluchtelingenwerk Vlaanderen en – hoe kan het ook anders – Museum aan de IJzer – ook meteen de laatste in zijn soort is. Nee, 112.000 aan elkaar en de IJzertoren vastgemaakte spanbandjes in de bedevaartweide zijn geen ‘kunstwerk’, maar een aanslag op de goede smaak én het milieu. Wat zouden onze klimaatactivisten hiervan vinden?
Een monument als de IJzertoren vereist volgens De Wilde permanente aandacht, zorg en onderhoud. Daarom is het misschien niet het beste idee om de vzw helemaal op droog zaad te zetten. Maar wat De Wilde betreft, mag die zorg ook gedragen worden door vrijwillige bijdragen van bezoekers en Vlaamsgezinde of Vlaams-nationale verenigingen, zoals het Davidsfonds. “Als je morgen alle steentjes die door lokale Davidsfondsafdelingen zijn geschonken uit de IJzertoren zou halen, dan blijft nog maar de helft van de toren over”, illustreert De Wilde.
Tot slot betreurt De Wilde dat de IJzertoren vandaag ten prooi is gevallen aan de Vlaamse subsidieziekte. “De IJzertoren is een mooi voorbeeld van hoe tastbaar vorm wordt gegeven aan ontastbaar erfgoed – de Vlaamse gedachte. Een subsidiebeleid dat de voorbije 50 jaar voortdurend nieuwe doelgroepen heeft gecreëerd en mensen daarin heeft ondergebracht, gaat voorbij aan die essentie”, besluit hij.







