Terwijl de N-VA geniet van een periode van stabiliteit en krachtig leiderschap, worstelen oppositiepartijen met interne problemen en identiteitscrisissen. Twee partijen verloren zelfs hun voorzitter. Hoe ziet het speelveld eruit voor het cruciale jaar 2026?
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
De N-VA bevindt zich in een benijdenswaardige positie. De partij levert zowel Vlaams als federaal de regeringsleider, blijft voorlopig op kop in de peilingen en mocht bovendien met het Euroclear-dossier een ferme overwinning opeisen. Toch ligt er een uitdaging: de andere regeringspartijen, die het duidelijk veel moeilijker hebben, tevreden houden. Bovendien moet de N-VA opletten dat ze zich niet te zeer begint te vereenzelvigen met het Belgische niveau. “Partijen die zich vervreemden van hun oude basis, gaan zelden een rooskleurige toekomst tegemoet.”
Voor Vlaams Belang blijft het zoeken naar een evenwicht tussen terechte kritiek en te harde aanvallen op grote concurrent N-VA. Omdat beide partijen strijden om de eerste plaats, telt elke stem dubbel. Maar worden de aanvallen te hard of te persoonlijk, dan jagen ze potentiële kiezers net weg. De cd&v, die zich nog steeds gedraagt alsof ze over 40 procent van de kiezers beschikt, maar in de praktijk al blij mag zijn als de 14 procent nog eens in zicht komt, blijft vechten voor de derde plaats. Ook Vooruit strijdt voor diezelfde positie, met daarbij het marktleiderschap op links. Het is echter niet gemakkelijk om dat laatste te combineren met een regeringsdeelname samen met de N-VA, en federaal zelfs met MR.
De socialisten voelen steeds meer de hete adem van de PVDA in de nek. De communisten dromen er al langer van de grootste partij op links te worden, en zolang Groen in de touwen hangt en Vooruit deel uitmaakt van een regering die gemakkelijk als rechts weggezet kan worden, maakt PVDA een kans. Bij Groen moeten ze in 2026 op zoek naar een nieuwe partijvoorzitter, terwijl Open Vld worstelt om op geloofwaardige wijze oppositie te kunnen voeren. Dat het waanzinnige Euroclear-voorstel oorspronkelijk uit een liberale koker kwam, zal de partij nog vaak aangesmeerd krijgen.
Het volledige artikel over de Vlaamse partijen leest u hier:









