Recent onderzoek – onder andere in Trends – wijst op aanzienlijke vermogens bij parochiale vzw’s en aanverwante religieuze organisaties. Deze vzw’s zijn onderworpen aan de jaarlijkse taks tot vergoeding van de successierechten (patrimoniumtaks).
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
De jaarlijkse taks tot vergoeding der successierechten, vooral bekend als de patrimoniumtaks, is een taks verschuldigd door bepaalde vzw’s, internationale vzw’s en private stichtingen (hierna vzw’s).
De taks is verschuldigd op alle bezittingen van een vzw: zowel roerende goederen (zoals meubilair) als onroerende goederen (zoals gebouwen). Zowel lichamelijke goederen (zoals gebouwen) als onlichamelijke goederen (zoals auteursrechten), ongeacht of die in bezit worden gehouden in België dan wel in het buitenland.
Vraag van Seuntjens
Volksvertegenwoordiger Oskar Seuntjens stelde hierover een vraag aan bevoegd minister Jambon. Seuntjens (3 september 1998) is een Belgisch politicus voor Vooruit.
De minister: “In het meest recente aanslagjaar hebben 1.545 vzw’s geregistreerd onder NACE-code 94910 (religieuze organisaties) een aangifte in de patrimoniumbelasting ingediend.“
De totale opbrengst voor de staatskas uit de patrimoniumtaks specifiek voor deze sector (NACE 94910) bedroeg 8.247.700,06 euro voor 2023 en 18.496.608,74 euro voor 2024.
De minister tot slot: “Mijn administratie heeft geen zicht op het aandeel van het vermogen dat specifiek toebehoort aan de entiteiten van de Rooms-Katholieke Kerk ten opzichte van andere erkende erediensten.“







