Voor Brusselse moslimjongeren is hun religie het belangrijkste aspect van hun identiteit. Dat blijkt uit een nieuwe studie in opdracht van Innoviris, uitgevoerd door de ULB en de VUB: ‘Entre sécularisation et rupture. Jeunes musulmans bruxellois: pratiques, identité et croyances’.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Voor het kwalitatieve luik van de studie werden interviews en focusgroepgesprekken gevoerd met 124 moslimjongeren. Daarnaast werd een vragenlijst door 1.872 middelbare scholieren, waaronder 905 moslims, ingevuld. Van de deelnemers aan de focusgroepgesprekken had de overgrote meerderheid een dubbele nationaliteit en een Marokkaanse, Tunesische of Turkse origine.
Religie blijkt voor moslimjongeren het belangrijkste aspect van de identiteit. Zo identificeert 76 procent van hen zich als onderdeel van ‘de moslimwereld’, gevolgd 73 procent dat zichzelf identificeert als Brusselaar en 65 procent dat zich identificeert als Belg. Helemaal onderaan het lijstje bengelt ‘het Westen’, waarmee slechts 21 procent van de jongeren zich identificeert. Ook stelden de onderzoekers vast dat sommige moslims naar Vlamingen of Belgen verwijzen als ‘zij’, terwijl ze naar andere moslims verwijzen als ‘wij’.
Moslims (en protestanten) staan negatiever tegenover homoseksualiteit
Ook staan moslimjongeren opvallend vaker negatief tegenover homoseksualiteit dan andere jongeren. Zo vindt slechts 59,6 procent van hen dat holebi’s hun leven mogen leiden zoals zij dat willen (tegenover 79,8 procent van de niet-moslimjongeren). 34,8 procent van hen is tegen het homohuwelijk (tegenover 16,4 procent van de andere jongeren). 28,9 procent van hen wil geen homoseksuele leerkracht (tegenover 13,3 procent van de anderen). Tot slot zou 25,5 procent de vriendschap beëindigen als blijkt dat zijn of haar vriend een homo is (tegenover slechts 9,5 procent van de niet-moslimjongeren).
Een opvallende nuance is dat protestantse jongeren in Brussel nog negatiever naar homoseksualiteit kijken dan moslims. Katholieken en niet-gelovigen zijn daarentegen het meest tolerant.
Discriminatie
Hoewel zij een sterke band met hun thuisland onderhouden en er vaker op vakantie gaan dan andere jongeren, voelen de meeste moslimjongeren zich niet helemaal thuis in die landen. Wel geven de jongeren over het algemeen aan dat ze zich goed (en thuis) voelen in Brussel.
De meeste jongeren gaven in de interviews aan zich niet gediscrimineerd te voelen, al gaven moslimjongeren in de ingevulde enquêtes vaker aan onterecht beschuldigd te worden van wangedrag op school, onjuist behandeld te worden door de politie of verdacht te worden door bewakingsagenten of verkopers.







Zou het elders in Europa anders zijn ?