Is de sluiting van een woonzorgcentrum in Schoten politiek gemotiveerd? Die vraag kan ondertussen gesteld worden, nadat zelfs de Raad van State zich niet wilde uitspreken, terwijl ze wél vaststelden dat er geen enkele grond was om dringend het WZC te sluiten. Voor de buitenstaander lijkt het te gaan over het sluiten van ‘onmenselijke’ bejaardentehuizen, maar dat blijkt politieke framing door bureaucraten en politici.
Geen advertenties meer?
Ingelogde abonnees steunen niet alleen een van de enige kritische en onafhankelijke media, maar zien ook geen vervelende advertenties. Abonneer je snel en eenvoudig en krijg meteen toegang tot vele duizenden exclusieve artikelen!
Maak hieronder je keuze voor het gewenste abonnement:
Liever ook op papier? Bekijk alle abonnementen!
Het doorlopend abonnement wordt automatisch verlengd voor steeds één maand.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een online abonnement van 3 maanden via een eenmalige betaling.
Liever ook op papier? Bekijk al onze abonnementen!
Steun het vrije woord met een eenmalige betaling en je zit een jaar goed.
Log hieronder in om dit bericht volledig te lezen. Ben je al ingelogd, kijk dan op je account of je nog een actief abonnement hebt.
Eind november besloot het Departement Zorg om WZC Vordenstein in Schoten te sluiten. Dat kwam volgens de betrokkenen als een complete verrassing, omdat het WZC na een negatief inspectieverslag in februari 2025 alles had gedaan om de knelpunten uit dat rapport weg te nemen. Bij het Vlaams Departement Zorg besloten ze de erkenning van WZC Vordenstein in te trekken en het woonzorgcentrum te sluiten.
Raad van State
De opgegeven reden hiervoor is dat er onvoldoende beterschap was op vlak van zorgkwaliteit, ondanks eerdere waarschuwingen en dat hun erkenning eerder al eens geschorst werd. Verslagen, zoals die van een laatste onaangekondigde inspectie op 17 september 2025, staan geanonimiseerd op de website van de Vlaamse overheid.
Emeis, de uitbater van het woonzorgcentrum, reageerde geschokt en stapte naar de Raad van State tegen de beslissing tot sluiting. Ze beweerden onder andere dat de argumentatie van het Departement Zorg onwaarheden bevatte.
De acteurs en het toneelstuk
Laten we eerst een dramatis personae maken. Welke personages komen er in dit toneelstuk? Ten eerste zijn er de bureaucraten van de Vlaamse overheid, ten tweede een mobiele tijdelijke directeur van een grote zorggroep, ten derde het zorgpersoneel, ten vierde de bewoners en ten vijfde de families van bewoners.
De sluiting heeft impact op ongeveer 73 bewoners waarvan 21 met dementie. Het gaat om oude mensen. Amper twee bewoners zijn jonger dan 65 jaar. Er werken ongeveer tien verpleegkundigen en ongeveer 20 zorgkundigen – in voltijdse equivalenten uitgedrukt. In praktijk zijn dat, onder meer door deeltijdse contracten, dus meer dan 30 verzorgers. Verder zijn er ergotherapeuten, kinesitherapeuten, enkele administratieve krachten, logistieke medewerkers en woonbegeleiders. Bij het personeel voor de keuken en het poetsen werken een kleine 20 personen. Pakweg 60 tot 70 mensen die hun werk verliezen.
Waarover gaat het? Over welk soort inbreuken valt zo’n inspectie dan? ‘Het toedienen van de medicatie werd bij drie bewoners consequent geregistreerd. Bij één bewoner werd de ochtendmedicatie reeds afgetekend voor toediening, maar werd deze nog niet toegediend (lag nog in de medicatiekar)’ of ‘Voor één bewoner voor wie medicatie werd gecontroleerd ontbrak de neusspray. Deze stond wel op de medicatiefiche vermeld, maar was niet terug te vinden bij de klaargezette medicatie. De overige medicatie werd wel correct klaargezet voor deze bewoner.’
De inbreuken zijn vooral bureaucratisch
Het gaat met andere woorden vooral om bureaucratie: ‘Bij twee bewoners waren er hiaten voor het aftekenen van de zorgen op zondag 14/09/2025.’ In het ‘vernietigende’ inspectieverslag van februari was het probleem dan weer dat uit de lijsten van de beloproepen van 24, 25 en 26 februari 2025 niet kon worden opgemaakt hoelang de reactietijden waren omdat de interventietijd bestaande uit de reactietijd en de tijd dat de medewerker op de kamer aanwezig was samen werden opgeteld. In september kon men dat wel aantonen. Betekent dit dat er fundamenteel een andere zorg werd verleend? Absoluut niet. De geëiste bureaucratische verwerking voor de overheid was anders.
Wat gebeurde er na de beslissing tot sluiting? Het personeel reageerde verslagen, de vakbonden uitten kritiek op de eigenaar (dit laatste is geen onbelangrijk detail in het verhaal) en de families van de bewoners noemden de sluiting ‘onmenselijk’ en startten petities.
De context: een hetze begonnen in Frankrijk
In welke context moet dit drama bekeken worden? Vordenstein valt onder de groep Emeis Vlaanderen. Dat was voorheen de in opspraak gekomen groep Orpea. Dat is een Franse groep waarover in 2022 een boek genaamd ‘Les fossoyeurs’ (de grafdelvers of doodgravers, vertaald) door journalist Victor Castanet verscheen. In dit boek, waarvan 200.000 stuks verkocht werden, beschuldigt Castanet het bedrijf van structurele verwaarlozing, rantsoenering van verzorgingsmateriaal en slechte omstandigheden voor bewoners… allemaal gedreven door winstbejag.
Het hele boek was een aanklacht tegen commerciële ouderenzorg in Frankrijk. Veel voorbeelden bleken later in inspectieverslagen van Franse inspecties – die volgden op de controverse rond het boek – ook te kloppen. De topman moest ontslag nemen en de hele groep werd gereorganiseerd.
Wanneer het in Parijs regent dan druppelt het in Brussel. Dus kwam Orpea in België ook zwaar onder vuur te liggen. Alleen bleken de paktijken van “verrobotisering” hier niet te bestaan. Wel bleken alle woonzorgcentra dus ook de voormalige OCMW-bejaardenhuizen strikte budgetten te hanteren voor eten.
Het budget voor eten per bewoner per dag in een Vlaams woonzorgcentrum (WZC) is relatief laag en wordt vaak geschat op een bedrag tussen 3 en 6 euro per dag. Dit bedrag dekt de ingrediënten voor drie maaltijden (ontbijt, middagmaal, avondmaal) en soms dranken, maar omvat niet de personeelskosten voor de bereiding of bediening.
Rechtszaak bij Raad van State
Terug naar Vordenstein eind 2025: daar nam Emeis ondertussen een advocaat onder de arm en ook bewoners en familie hadden een actieplan opgezet om het Departement en de minister op andere gedachten te brengen om die beslissing te schorsen. Het dossier werd voorgelegd aan de Raad van State, die zich over het dossier boog. Dinsdag 27 januari kwam de beslissing dat de Raad van State niet oordeelt over de grond van de zaak, maar hoegenaamd geen enkele hoogdringendheid ziet om de schorsing van de beslissing van Departement Zorg te verantwoorden.
“In mensentaal komt het erop neer dat de Raad van State de bewoners in verdere onzekerheid laat en eigenlijk de facto het doodsvonnis tekent van het Woonzorgcentrum. Met deze onzekerheid is het nu wel duidelijk dat de bewoners andere oorden zullen moeten opzoeken”, schreef een van de familieleden op LinkedIn.
Dat familielid schreef zelfs een bericht naar minister Caroline Gennez (Vooruit). Waarom? “Onze stiefvader heeft dementie en verblijft op de gesloten afdeling. Voor hem is continuïteit geen luxe, maar een noodzakelijk houvast. Een gedwongen verhuizing is volgens dokters en specialisten in dementie een traumatische breuk met de structuren en vertrouwde omgeving, die demente patiënten nog hebben. Ze weghalen betekent letterlijk en figuurlijk de poten onder iemands stoel wegzagen.”
“Als familie zien wij de realiteit van elke dag: de directie, de verpleging, de psychologen en het ondersteunende personeel doen hun uiterste best om onze ouderen optimaal en professioneel te verzorgen. Er heerst in Vordenstein een goede sfeer van toewijding en liefdevolle zorg. De bewoners en families ervaren een hoge tevredenheid van het WZC.”
Volgens de betrokkene voelt het onrechtvaardig aan dat een team dat aantoonbare vooruitgang boekt en een positieve recente inspectie kreeg, nu de deuren finaal moet sluiten en dat de overheid niet geïnteresseerd is in diep menselijk leed.
De belangrijkste vraag die de stiefzoon stelde was de volgende: “Wat bezielt het Departement Zorg om een WZC te sluiten dat na een slecht rapport alles doet om die slechte punten weg te werken, waarvan bewoners en familie niet gehoord worden?”
Gevolgd door een minstens even belangrijk vraag: “waarom worden commerciële WZC’s meer geauditeerd dan deze van de overheid?”
Die laatste vraag stellen is ze natuurlijk beantwoorden. In Schoten wordt immers een politiek spel gespeeld op de kap van ouderen en hun families. Bovendien doet een instelling zoals de Raad van State die over bestuurshandelingen moet oordelen een uitspraak die meer weg heeft van een klucht.
De conclusie: bureaucratische kommaneukerij belangrijker dan ouderenzorg
De essentie is dat de vakbonden en partijen zoals Vooruit (die de bevoegde Vlaams minister levert) fundamenteel tegen commerciële woonzorgcentra zijn. Ze hanteren daarbij twee maten en gewichten. Net als de zeer gepolitiseerde administratie van de Vlaamse overheid. De echte problemen zoals de budgetten voor eten per dag interesseert de Vlaamse bureaucratie niet.
Het enige wat hen interesseert zijn procedures en het genereren van verslagen en rapporten die ze in hun statistieken kunnen steken… Zaken die met ouderenzorg niets te maken hebben. Alleen komen ze daar mee weg omdat ze het doen ‘voor die arme kwetsbare ouderen’ en iedere burger denkt vervolgens dat negatieve verslagen gaan over slechte behandeling van oudjes. Wie die verslagen leest stelt vooral vast dat het over bureaucratische kommaneukerij gaat.






